Meimeringen | Bedankt

Het afgelopen weekend leefde ik met een andere man. Nee, ik bedroog mijn eigen man niet en deed ook geen rare dingen met iemand van het andere geslacht, maar was wel heel erg intensief met hem bezig.

En met mij vele anderen heb ik zo het vermoeden. De telefoon lag continue naast mijn bed terwijl ik hem daar normaal altijd uitban, of lag klaar in de aanslag in mijn hand, omdat ik alles van hem wilde weten. Zaterdagochtend zag ik hem aan een boot hangen en zijn kinderen kussen. Daarna zwom hij weer weg, ons achterlatend in een verbondenheid die je nog maar weinig ziet. Ik omhelsde een onbekende vrouw die achter me op een bankje op een festivalterrein zat te snikken toen ze zat te luisteren naar het verhaal van Sander de Hosson, de longarts met zoveel empathie voor de zieken en de stervenden. Een journalist hoort waarschijnlijk geen vrouw te omhelzen als ze midden in een zin zit om op te schrijven wat er gezegd werd. Hoort misschien volgens het protocol wel nooit iemand te omhelzen onder werktijd. Maar fuck het protocol: het was op dat moment totaal niet belangrijk. De vrouw had waarschijnlijk verdriet om iemand met kanker of had zelf kanker en ze had troost nodig. Troost die we allemaal wel eens nodig hebben en zeker als die kloteziekte om de hoek komt kijken of een andere kloteziekte.

Naar Maarten keek ik ondertussen en dacht:’Jongen stop er toch mee.’ Stap uit dat water, je hebt je punt gemaakt, iedereen wilde meezwemmen, iedereen heeft nu wel gedoneerd, iedereen snapt wat je wilt zeggen, na die eerste stad was het al goed. Je hebt zelf kanker gehad, je hebt een gezin en ouders, het is mooi geweest, het is klaar. Zijn ogen waren flets, zijn slagen steeds minder krachtig. Zijn lichaam gepijnigd, zijn geest volgens mij al murw.

Maar het rare was dat dit juist was dat dit juist nog meer verbroederde. Niemand wilde dat lijden zien en wilde er van alles aan doen om dat te verzachten. En in die strijd ontstond nog meer verbroedering. Hij maakte dat mensen nachten doorhaalden om hem bij te staan, dat boeren en brandweerlieden het gewoon deden: de hele nacht voor licht zorgen terwijl de koeien de volgende ochtend ook weer gewoon gemolken moesten worden en branden geblust. Er werden ovens opgestookt voor een enkele pizza, er werd ergens in een onbekende keuken eieren gebakken omdat Maarten daar zin in had. Naast dat 1 man (met zijn ongelofelijke vrouw en zijn net zo ongelofelijke crew) er voor zorgde dat er 2,5 miljoen werd opgehaald voor zeer noodzakelijk onderzoek naar behandelmethoden voor kanker en daarvoor werkelijk iets deed dat onmenselijk was, bracht hij ons vooral ook weer samen. En dat eerste is letterlijk van levensbelang, het tweede eigenlijk niet minder. Wat zou het prachtig zijn als we dat gevoel nu eens konden vasthouden. Dat we in het gewone leven ook gewoon zo onbaatzuchtig zijn en elkaar helpen zonder dat er camera’s bij aanwezig zijn en de wereld naar ons kijkt. En laten we elkaar vooral blijven omhelzen. In moeilijke en mooie tijden. Bedankt Maarten, bedankt Mienskip, bedankt lieve mensen.


Auteur

Meisje (www.meisjelemmer.blogspot.com