Meimeringen | De tor, de paardenbloem en de zuring

Terwijl ik over een weg sukkel die na maanden nog steeds niet af is geeft me dat de tijd om rustig om me heen te kijken. Met 60 op de teller kun je tenslotte de boterbloem, de pinksterbloem, de zuring en de paardenbloem rustig aanschouwen. Bij het zien van al dat moois waan ik me weer even kind. Hoe we daar - waar nu allemaal huizen staan in plan west - dagen stonden te vliegeren in hoog gras. Vliegtuigen uit Lelystad kwamen er niet over, dus dat kon ongegeneerd.

Waar we boeketten vol pinksterbloemen en boterbloemen plukten voor mem en waar we van de paardenbloem thuis kettingen regen die we elkaar dan vervolgens omhingen. En als je het steeltje met dat witte wat bittere sap in stukjes brak en in het water legde, krulde hij zo mooi om. En die zuring? Die zuring aten we. Liggend in het hoge gras, terwijl we omhoog keken naar de staart van onze vlieger kauwden we op grassprieten en de intens rode zuringstengels die zo goed waren voor de dorst. Flessen cola of sinas waren ons vreemd. Terwijl we daar zo lagen met vriendjes en vriendinnetjes waar we in de avond dan weer blikspuit mee deden en op onze autoped rond het blok scheurden, waren er altijd allerlei insecten te vinden. Spinnen, torren, lieveheersbeestjes, wespen, bijen, libellen en allerlei andere diertjes die zorgen voor biodiversiteit. Toen vriendin Antje en ik en onze respectievelijke moeders in de tuin eens een tent hadden gebouwd van zwart plastic, maar mijn moeder opeens een hele dikke tor in haar onderbroek voelde kruipen, was het meteen over met de nachtelijke kampeerpret. Dat dan wel weer.

Al die herinneringen kwamen boven, terwijl ik twee soorten kampen leek te zien daar in dat landschap. In het ene weiland aan de ene kant van de weg overheersen de kleuren paars, bordeauxrood, geel en een andere kleur geel. In het andere staat echt louter gras dat ook nog eens heel kort gemaaid is. Ongetwijfeld kunstmatig zo veroorzaakt, maar juist die eentonigheid zorgt er denk ik voor dat al die geweldige insecten schitteren door afwezigheid. De wolf mag dan zijn weg terug gevonden hebben naar onze provincie, die dikke vette tor uit mijn moeders onderbroek laat zich in geen velden of wegen meer zien. En dat is naast het feit dat deze herinnering nooit meer zal herleven en ik daar wel een miljoen voor zou willen geven, vooral voor de natuur een fikse aderlating.

Meisje (www.meisjelemmer.blogspot.com)