Recensie | Hollandse meesters uit 17e eeuw te zien in Mauritshuis Den Haag

JOURE - De National Trust is een liefdadigheidsinstelling in het Verenigd Koninkrijk, die in 1895 door particulieren werd opgericht met als doelstelling ‘plaatsen van historisch belang of natuurlijke schoonheid’ in Engeland, Wales en Noord-Ierland te behouden.

Ruim 60.000 vrijwilligers zijn actief op duizenden locaties, variërend van historische huizen, kastelen, monumenten en bijbehorende tuinen en landerijen, tot fabrieken, cafés en molens. Jaarlijks worden er zo ruim 24,5 miljoen bezoekers ontvangen! Uit de indrukwekkende kunstverzameling die de National Trust onder haar hoede heeft op alle locaties heeft het Mauritshuis Den Haag een keuze gemaakt, die te bewonderen valt in de tentoonstelling: ‘Hollandse meesters uit Britse landhuizen’.

Quentin Buvelot: ‘Hollandse meesters uit Britse landhuizen’. Mauritshuis Den Haag. Waanders Uitgevers Zwolle. ISBN 978 94 6262 200 5.

Met name in de achttiende en negentiende eeuw vulde de Britse elite de monumentale landhuizen met omvangrijke schilderijenverzamelingen. Zeventiende-eeuwse Hollandse schilderkunst stond bij de Britse verzamelaars in hoog aanzien, zoals landschappen, portretten, genrestukken, stillevens en historiestukken. Hollandse schilderkunst kwam uiteraard veelal van Nederlandse bodem, maar soms uit Groot-Brittanië zelf. Schilders voelden de opkomende concurrentie en besloten vervolgens hun geboorteland vaarwel te zeggen. Anderen gingen simpelweg op zoek naar een nieuwe uitdaging in hun nieuwe vaderland.

De tentoonstelling

Met medewerking van de Trust werd er een keuze gemaakt uit zo’n 13.500 schilderijen, die her en der verspreid hangen in de ruim 200 historische landhuizen. Veel van de schilderijen hangen nog op dezelfde plek in dezelfde kamers waar ze oorspronkelijk werden opgehangen. Sommigen werden zelfs speciaal voor de desbetreffende kamer vervaardigd of aangekocht. Portretten komen het meeste voor.

In de zeventiende en achttiende eeuw werd er al druk verzameld, maar ook in recenter tijd. Zo kwam de collectie van Margaret McEwan inclusief het huis in 1942 toe aan de National Trust. Haar vader had ondermeer ‘Officier die buigt voor een dame’ van Gerard ter Borch en ‘Colfspelers’ van Pieter de Hooch in zijn bezit. Deze twee schilderijen maken deel uit van de tentoonstelling. Ook Upton House, eens het trotse bezit van Walter Horace Samuel belandde pas in 1948, kort voor zijn dood, in handen van de Trust. Schilderijen uit dit Britse landhuis van onder anderen Jan Lievens, Gabriël Metsu, Pieter Saenredam en Jan Steen hangen eveneens op de tentoonstelling. Eén van de meest recente schenkingen ‘Zelfportret met gevederde baret’ van Rembrandt, dat in 2010 aan de Trust werd nagelaten uit de nalatenschap van Edna, Lady Samuel of Wych Cross, mag één van de topstukken heten van de tentoonstelling in het Mauritshuis.

De afbeeldingen van zowel de 22 tentoongestelde schilderijen als die van de landhuizen waarin ze hun vaste plaats kennen, komen we tegen in de overzichtscatalogus. Over elk schilderij komen we een verhandeling tegen: waar het gemaakt is, wie de maker was, waar het normaliter hangt, enz. Hoewel de tentoonstelling het bescheiden aantal van 22 werken kent, waarvan vele nooit eerder op het continent te zien zijn geweest, is de expositie een heuse aanrader. Immers: werken van Aelbert Cuyp, Gerrit van Honthorst, Willem van de Velde de Oude, Meindert Hobbema en Rembrandt, om er slechts enkelen te noemen, ziet men niet dagelijks op een expositie! En niet het vele is goed, maar het goede is veel!

Zowel de tentoonstelling als de fraaie publicatie geven een helder inzicht in de verzamelgeschiedenis van Hollandse oude meesters in Groot-Brittannië door de eeuwen heen! De tentoonstelling in het Mauritshuis Den Haag loopt nog tot en met 6 januari 2019.