Recensie | Met oude striphelden het nieuwe jaar in

JOURE – Tal van nieuwe uitgaven zijn er verschenen van striphelden van voorheen, die door prachtige heruitgaven dan wel spiksplinternieuw materiaal alle aandacht opeisen. En terecht!

Jacques Martin, Régric & Seiter: Serie Lefranc deel 31: ‘Het losgeld’. Casterman. ISBN 978 90 303 7678 1.

In de vroege jaren vijftig startte Jacques Martin voor ‘Kuifje Weekblad’ de serie rond journalist Lefranc. Na het overlijden van Martin in 2010 zetten zijn leerlingen de serie voort. Omdat de setting in de verhalen die van de jaren vijftig is, ogen de verhalen ook nu nog nostalgisch. In ‘Het losgeld’ maken  Guy Lefranc en zijn vriend Jean-Jean kennis met Eline van Dijck wier vader een safaripark in Zuid-Afrika beheert. Wanneer Eline ontvoerd wordt reist de journalist af naar het land waar de apartheid nog heerst. Zal hij het meisje traceren en de problemen op het domein van haar vader weten op te lossen? 

Jacques Martin, David B. & G.Albertini: ‘Serie Alex deel 39: ‘De god zonder naam’. Casterman. ISBN 978 90 303 7691 0.

‘De god zonder naam’ is een avontuur van Alex, de stripheld uit de oudheid, die ook in de jaren vijftig in ‘Kuifje Weekblad’ furore maakte. Wanneer Alex en zijn vriend Enak namens keizer Caesar naar de steppen van de Oeral trekken om bondgenoten te vinden tegen de Parthen, belanden zij in een totaal onbekende wereld… Tekenaar Albertini tekent in de stijl van de vroegste Alex-albums. Echt voor de liefhebber!

W.Vandersteen: ‘Suske & Wiske deel 355. De scheven Schot’. Standaard Uitgeverij. ISBN 978 90 02 27140 3.

Wanneer Lambik erachter komt dat hij vele generaties terug Schotse voorouders heeft gehad neemt hij tante Sidonia en Suske en Wiske mee naar Schotland. Als “MacLam” wil hij meedoen aan Schotse Spelen. Weldra vloeit de whisky rijkelijk ,speelt Lambik doedelzak, en doet hij aan paalwerpen. Een heus monster in het meer zorgt eveneens voor veel opwinding, maar of Lambiks verrichtingen gehonoreerd worden… Een leuk ouderwets avonturenverhaal van onze Vlaamse vrienden!

W.Vandersteen, F.Corteggiani & D. Stallaert: ‘Suske & Wiske. Blauwe reeks. De Sonometer’. Standaard Uitgeverij ISBN 978 90 02 27053 6.

In de vroege jaren vijftig werkte Willy Vandersteen voor ‘Weekblad Kuifje’ op aandringen van Hergé aan een aantal Suske & Wiske-verhalen. Voorwaarde was dat de hoofdfiguren minder volks zouden overkomen, waarbij Vandersteen zijn personages zou gaan tekenen in de zogenaamde klare lijnstijl, zoals Hergé die ook bezigde. De serie van acht verhalen werd in albumvorm voorzien van blauwe omslagen, zodat er gesproken kon worden van “de blauwe reeks”. Velen vinden deze albums tot de mooiste behoren van Vandersteen, albums waarin we Wiske met springerig blond haar en een strik tegenkomen. 

Toen Vandersteen tegen het einde van de jaren vijftig bezig was aan de opzet voor een nieuw verhaal ontstond er onenigheid tussen hem en Hergé, zodat hij het verhaal na enkele pagina’s afbrak. Scenarist Corteggiani en tekenaar Dirk Stallaert werden na ruim zestig jaar aangetrokken om het verhaal af te maken, waarbij het jubileum van vijfenzeventig jaar Suske & Wiske gevierd kon worden!

Het resultaat is een fijn album met veel dialogen, dat zich voor het overgrote deel in Japan afspeelt. Professor Tellenbol kan met zijn Sonometer omgevingsgeluiden wegnemen om zo te kunnen genieten van de stilte. Natuurlijk zijn er weldra kapers op de kust, maar de Vlaamse kinderen zijn er ook nog! Een prachtig avonturenverhaal waarin speels ook nog aandacht geschonken wordt aan de Japanse cultuur, dat feilloos aansluit bij de twee bundelingen van de Blauwe reeks, die Standaard even eerder al uitbracht!

Hal Foster: ‘Prins Valiant deel 35. Jaargang 1971’. Uitgeverij Silvester. ISBN 978 94 6306 655 6.

Al vaak heb ik de loftrompet geblazen over ‘Prins Valiant’ wiens avonturen tussen 1936 en 1971 in de Amerikaanse zondagskranten verschenen. De strip van één van de grootste striptekenaars aller tijden: Hal Foster. Uitgeverij Silvester vertaalde de delen opnieuw en prachtig ingekleurd verschenen ze vanaf 2010 tot nu. Met dit deel heeft de uitgever de serie afgerond, een serie die ook in luxe delen werd uitgegeven. 

Met weemoed bekijk ik dan ook het laatste deel van de jaargang 1971, het gedeelte waarin Fosters opvolger John Cullen Murphy  zich al aandiende en “de meester” eigenhandig de laatste pagina nog vervaardigde: 1788! De overige helft van het album bestaat uit een dossier waarin de reizen van Prins Valiant na te gaan zijn en de levensloop van Foster aangehaald wordt. Een prachtig einde van een reeks, die op zijn beurt waardige opvolgers kent als illustratoren, maar of Silvester die ook nog aan bod laat komen! 

Hermann & Greg: ‘Comanche 3. De sheriffs’. Uitgeverij Sherpa. ISBN 978 90 8988 174 8. 

Alweer de derde bundeling van ‘Comanche’ op groot formaat, die samen met ‘Blueberry’ als dé klassieker geldt binnen het westerngenre. 

De drie verhalen in deze bundeling ‘De opstand’, ‘Duivelsvinger’, en ‘De sheriffs’ verschenen in de periode 1975 - 1979  in stripblad ‘Kuifje’ en kregen een nieuwe eigentijdse vertaling van Arend Jan van Oudheusden, die ook de inleiding verzorgde.

Tegen het decor van de wilde natuur, die Hermann als geen ander weet weer te geven, is daar de nietigheid van de overmoedige kolonisten. Red Dust belandt in ‘Duivelsvinger’ lijnrecht tegenover een bende, die er op uit is, koste wat kost, land in bezit te krijgen waar zich koper bevindt, zo ook dat van de jeugdige Patricia Duncan… In ‘De opstand’ is daar een lichtzinnige fotograaf, die dankzij geweld Red en Comanche in het verderf weet te storten. In ‘De sheriffs’ lijken oude revolverhelden symbolisch een punt te zetten achter het Wilde Westen. 

Filmische fictieve westernverhalen die nog steeds tot de verbeelding spreken op weergaloze wijze uitgebracht!

Marten Toonder: ‘Koning Hollewijn deel 10’. Uitgeverij Cliché. ISBN 978 90 6438 168 3. 

Vier verhalen van de filosofische koning Hollewijn en zijn gevolg uit de jaren 1962 – 1963 zoals ze ooit als dagstrip in de wakkere krant van Nederland verschenen brengen ons terug in de tijd. Ten tijde van ‘De onbomvogel’ beheersten kernwapens en de Cuba-crisis het nieuws. Geen wonder dat het kosmisch ei van de vrede centraal staat in dit verhaal. Om het contact met de achterban niet te verliezen reist de koning naar het verre Warrewoud. Na een bewogen reis verzucht de monarch: “In de politiek is het zo gesteld dat men de bedoelingen van de ander verklaart terwijl men de eigen bedoelingen tracht te verbergen”.

Dat de avonturen van de koning ook nu nog tegen de actualiteit aanleunen is op te maken uit ‘Koning Hollewijn in Halloa’. Hem wordt gevraagd een liedje te gaan zingen voor de radio waarop de koning reageert met: “Dat is me te gevaarlijk. Ik ben te oud voor stuntman”. Werd minister Hugo de Jonge kortgeleden ook niet gevraagd voor een programma om te gaan zingen… met alle gevolgen van dien!

Het Hallo-avontuur werd getekend door Piet Wijn, die tot en met het laatste verhaal uit 1971de strip op weergaloze wijze zou blijven tekenen.

Een uitgave in rood kunstleren band een koning waardig!

En wie in de “corona-tijd” ook nog andere dingen wil doen dan alleen maar lezen kan ik de mooie Toonder-puzzel van 1000 stukjes aanraden van ‘De Bovenbazen’, die verscheen bij uitgeverij Personalia. (ISBN 978 94 9284 088 2). En… puzzelen houdt u van de straat..!

Koos Schulte