Recensie | Gelegenheidsuitgaven Heer Bommel en Tom Poes

JOURE – Hoewel alle Heer Bommel-dagstripverhalen, 177 stuks, nog steeds verkrijgbaar zijn, werden er toch weer twee uitgelicht om als speciale uitgave onder ieders aandacht te brengen.

De Bezige Bij kwam met een pocketeditie van ‘De Unistand’, die een speciale inleiding kent in de vorm van een essay van journalist-antropoloog Joris Luyendijk.

Uitgeverij Personalia bracht een editie op de markt van ‘De Bovenbazen’, namelijk een Groningse: ‘De Bovenboazen’. 

Marten Toonder: ‘De Unistand’. De Bezige Bij. ISBN 978 94 031 9060 0. 

Verhaal 164 ‘De Unistand’ liep van augustus  tot november 1979 in diverse kranten. Zoals zo veel verhalen van Toonder kende het een intrige, die van alle tijden is, dan wel op veel tijden inpasbaar. Een verhaal dat actueel was en naar het zich laat aanzien ook zal blijven!

Luyendijk plaatst het verhaal binnen het Brexit-gebeuren, zodat het omslag een protestactie weergeeft met verbolgen relschoppers en een onwetend, hogelijk verbaasd tweetal: Heer Bommel en Tom Poes. De Union Jack met daarop ‘Brexiteditie’ geeft het thema aan.

Toonder zou de debatten in de Britse pers zeker gevolgd hebben, aldus Luyendijk, al was het alleen al omdat Toonder vanaf midden jaren zestig woonachtig was in Ierland.  Luyendijk stelt zichzelf de vraag of de impulsieve maar deugdzame Heer Bommel al dan niet pro Brexit zou zijn geweest. Om hieraan toe te voegen dat commissaris Bulle Bas, als extreem autoritair persoon zeker voor een vertrek ut de EU zou hebben gestemd, waarnaar Bommel zeker zijn oor te luister zou hebben gelegd…

In ‘De Unistand’ ziet Heer Bommel op zekere dag een opvallend flatgebouw in De Zwarte Bergen. Later zal hij vanuit dat gebouw telefonisch benaderd worden en te horen krijgen dat hij is uitgeroepen tot standaardburger van Rommeldam.  Bommel die middenin een verbouwing zit van Bommelstein  wordt zonder dat hij er erg in heeft een cultfiguur. Auto’s moeten gelijkenis vertonen met Bommels Oude Schicht en ruitjesjassen worden verplichte kost voor iedereen. Dat Bommel uiteindelijk in de cel belandt met de geslepen Joris Goedbloed, Bommelstein zijn oude grandeur hervindt, en het Unistandgebouw, nota bene een gebouw dat Vrede nastreeft, geleidelijk aan in verval raakt, is in deze moderne fabel na te gaan.

Tim Artz maakte de pakkende illustratie voor deze eenmalige Bommel-uitgave.

Marten Toonder: ‘De Bovenboazen. De Bovenbazen’. Uitgeverij Personalia. ISBN 978 94 92840 72 1. 

Verhaal 104 uit de Bommelsaga ‘Heer Bommel en de Bovenbazen’ is één van de meest uitgebrachte verhalen van Marten Toonder, zowel in het Nederlands als in vreemde talen. Dit eerste verhaal uit 1963 was het eerste dat Dick Matena in zijn geheel in potlood opzette voor Toonder. Dat geld voor een Heer geen rol speelt blijkt uit dit verhaal waarin Heer Bommel zich in de allerhoogste beurskringen begeeft. En wel op zo’n levensechte wijze dat de onlangs overleden hoogleraar-econoom Arnold Heertje er een referaat over hield dat later meermalen te lezen was, o.a. in ‘Toondertijd’ 116.

Heertje betoogt dat de Bommeliaanse economie de volstrekte tegenvoeter is van de Gewone Economie. De Bommeliaanse economie kent eigen logische wetten, gekenmerkt door de eigenschap dat waarheid niet bewezen of afgeleid, maar slechts vooropgesteld wordt.

De openingsplaat 4955 is meteen een binnenkomer van jewelste. Allereerst is daar het utopisch overkomende onderkomen van Amos W.Steinhacker en zijn overige Bovenbazen. De tweede tekening van deze strook waarop een schouw met links en rechts markante koppen roept herinneringen op aan de al even intrigerende beeldengroep van Paaseiland. 

Dit visionaire verhaal , in 2009 nog uitgebracht door de Bezige Bij als “crisiseditie”, was het laatste waarin Lo Hartogh van Banda Marten Toonder voor deze serie als tekstschrijver terzijde stond. 

Nu is daar dus de nieuwste ‘Bovenbazen’-uitgave, ditmaal uitgegeven in oblongformaat en met een schitterend omslag van Tim Artz, zo indringend dat de uitgever er meteen een legpuzzel van heeft laten vervaardigen. 

Wat het boek extra indringend maakt is de vormgeving: links op groot formaat de strook en rechts twee kolommen tekst in zowel het Nederlands als het Gronings! Het is dan ook voor de tweede keer dat Personalia een Groninger Bommel-uitgave verzorgt na ‘De pieplaaider’ uit 2015. Vertaler is andermaal Marten van Dijken.

Het is interessant voor Groningers, maar eveneens voor niet-Groningers, om de vertaling na te gaan. De meeste Toonder-lezers ambiëren taal!  Het blijft leuk: ‘Zo,’ zei heer bommel, ‘en wat wilde je dan wel weten, jonge vriend?’ ‘Zo’, zee meneer Bommel. ‘En wat wolstoe den wel waiten, jonge vrund?’

Of: ‘Hij rende zijn huisje uit en nam de kortste weg naar de stad.’ ‘Hai runde oet zien hoeske vandoan en nam ’t kòrtste pad noar stad tou.’

Een pracht verhaal gestoken in een pracht uitgave waarover de Commissaris van de Koning in Groningen in zijn Woord vooraf o.a. meldde: “Toonder was dus, wat je zegt, met De Bovenbazen zijn tijd ver vooruit.”

Koos Schulte