Meimeringen | Ús Pieter

Ik houd van film. De grootte van het doek. De wereld uitvergroot. De beelden en een verhaal die iemand anders bedacht heeft. De fantasie waarin je helemaal op komt gaan en je je in kunt verliezen. Het liefst ga ik naar filmhuisfilms. En naar filmfestivals.

Voorheen kon ik met gemak 4 tot 5 films per dag ´hebben´. Tegenwoordig vind ik 2 al veel. De ene energie van zo’n kunstwerk is de andere niet. Kom je net diep bedroefd uit een familiedrama, val je in een absurdistische niet te begrijpen productie.

Tussen de eerste en de tweede film dit weekend op het filmfestival Leeuwarden zat zo’n 3 kwartier. En daarin moesten we ook nog eten. Maar toen we toch met een theetje en een bak noedels met kip en groenten in de hand stonden, was het zoeken naar een plekje. We zagen een bankje met een heel aardig ogende vrouw zitten en vroegen of we aan mochten schuiven. Tuurlijk zei ze, ga lekker zitten.

We keuvelden wat over de films die we gezien hadden. Dat doen filmliefhebbers namelijk nu eenmaal. Toen vroeg ze waar we vandaan kwamen. Lemmer zeiden we als uit één mond. Er schoot iets over haar gezicht. Daar kwam mijn man ook vandaan zei ze . Er begon me iets te dagen. Ze noemde geen naam. Ik durfde zijn naam niet uit te spreken. Zo pril nog dacht ik. In april net overleden. En misschien klopt het wel niet.

Dit festival speelt hij een hoofdrol. Postuum zoals dat zo mooi heet, of te wel na zijn dood. Ik dacht moet ik het toch vragen? Toen zei ze het zelf: ‘Mijn man was Pieter Verhoeff.’ Oei, dacht ik en ik zei het ook. ‘Het zal wel niet eenvoudig zijn om hier dan te zijn. Beladen.’ Ze knikte. Mooi en emotioneel tegelijk, zei ze terwijl ze een teugje uit haar glas rode wijn nam.

Ik had haar wel even willen omarmen, maar dat doe je niet met zomaar een vreemde. In plaats daarvan zeiden we dat het zo fantastisch was wat hij allemaal gemaakt had. Dat zowel film als de echte vuurtoren voor Lemsters zoveel betekent. Ze knikte. Vertelde over zijn verbondenheid met zijn geboorteplaats. We keuvelden. Er kwamen vrienden of bekenden langs die haar omhelsden en ons vroegen of we nog wat wilden drinken. Zomaar.

Pieter is nog steeds ook een beetje van ons zei ik toen. Het is ús Pieter. En weer knikte ze. Een dag later reed ik langs de vuurtoren. Bedankt Pieter zei ik. Voor alles.. En dat je een van ons was.

Meisje (www.meisjelemmer.blogspot.com)