Recensie | Gezonken schatten tentoongesteld in Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden

JOURE – Eeuwenlang was veel van wat onder water lag zo goed als onbereikbaar voor de mens. De technieken en mogelijkheden om op zoek te gaan naar wrakken zijn de laatste jaren sterk verbeterd. Soms wil men met het bergen van een wrak het verleden reconstrueren. Dan weer is de zoektocht naar de schat van de financiële waarde het voornaamste doel.

Duikers bevestigen dat de weg naar een wrak toe aanvoelt als een soort tijdmachine. Wat je hoort is je eigen adem, luchtbubbels die zich een weg naar boven banen en vervormde geluiden. En dan plotseling doemt het wrak op. Het restant van een scheepsramp, krakend hout, een mast die breekt, geschreeuw om hulp, de lading… En vooral schepen, die een waardevolle lading bergen, spreken tot vrijwel ieders verbeelding, zoals de retourschepen van de VOC. Uitgaande schepen hadden meestal grote sommen geld aan boord. Terugkomende schepen waren veelal volgestouwd met kostbare lading.

Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden besteedt tot 28 juni 2020 aandacht aan een zevental scheepswrakken en hun lading waarbij de geborgen keramiek voorop staat. Zeven scheepswrakken uit diverse tijden en hun inhoud brengen de kijker terug naar het verleden met name naar de tijd van de Maritieme Zijderoute. De tijd waarin er een intensieve handel plaatsvond tussen Chinezen, Arabieren, Indiërs en vele andere volkeren in de regio.

Red. Karin Gaillard & Eline van den Berg: ‘Gezonken schatten. Sunken treasures’. Waanders Uitgevers,  Zwolle & Keramiekmuseum Princessehof Leeuwarden. ISBN 978 94 6262 257 9.

Hoewel porselein dat vaak in scheepswrakken wordt aangetroffen op de Maritieme Zijderoute niet het voornaamste handelsproduct was, blijft het materiaal op de zeebodem in veel gevallen erg goed bewaard. Zo goed dat Keramiekmuseum Princessehof besloot er een grote tentoonstelling aan te wijden.  Binnen- en buitenlandse musea werden benaderd om keramiek te mogen exposeren, hoewel er vanzelfsprekend ook een beroep gedaan werd op de eigen collectie. 

In het museum worden van ieder schip waarvan keramiek tentoongesteld wordt de achtergronden geschetst. Waar is het schip aangetroffen, waar bevond de keramiek zich in het vaartuig, hoe kon het geconserveerd worden, voor wie was het bestemd, enzovoorts. Tevens wordt een inkijkje gegeven in de maritieme archeologie in zowel Azië als Nederland.

Iedere bezoeker zal onder de indruk raken bij het zien van de grote aantallen aardewerk, die de schepen destijds vervoerden. Het VOC-schip ‘De Geldermalsen’ dat op 3 januari 1752 in de Zuid-Chinese Zee een rif raakte en in 1985 geborgen werd,  zou bij het grote publiek bekend worden doordat veilinghuis Christies een groot deel van het geborgene verkocht. Volgens documenten vervoerde het schip Chinese thee, zijde, goud en andere koopwaar,  zoals 203 kisten (!) met ongeveer 154.000 stukken porselein…

Door van elk schip het eigen verhaal op te tekenen met de kennis van schip en lading komt de Maritieme Zijderoute geheel en al tot leven. Eveneens zullen veel bezoekers versteld staan van de kwaliteit van het aardewerk, of je nu naar de voorwerpen uit de Arabische dhow kijkt, die rond het jaar 830 verging, of naar de inhoud van de Chinese jonk, die bijna duizend jaar later in 1822 zonk, het blijft fascinerend.

Het boek is een welkome aanvulling op de tentoonstelling en geeft veel extra informatie, maar is ook een lust voor het oog om apart te lezen! Al met al: een heerlijke verrijkende expositie!

Koos Schulte