Recensie | Nieuwe biografische stripverhalen

Joure - Nog steeds verschijnen er biografische strips, hoewel niet meer zo veelvuldig als in de jaren vijftig toen dit soort stripverhalen moest dienen om aan te tonen dat strips ook educatief konden zijn.

Evenals voorheen is Frankrijk nog steeds het land waar relatief de meeste biografische strips hun oorsprong vinden. Overigens moeten we onze Zuiderburen ook niet uitsluiten. Veel strips over zalig verklaarden, heiligen en de levens van bijbelse figuren werden destijds ingezet om de Heilige Schrift voor de katholieke medemens inzichtelijk te maken.

Uitgeverij Silvester heeft onder zijn veelal uit het Frans afkomstige uitgaven diverse biografische strips, die, hoe kan het ook anders, veelal Franse levensbeschrijvingen bevatten. Uitzondering daarop is ‘Hazes, de stripbiografie’, die Silvester ook uitgeeft, maar afkomstig is van twee oer-Hollandse makers: Jan-Willem de Vries en Ben Westervoorde.

De Vries & Westervoorde: ‘Hazes 1977-1990, zweet’. Silvester. ISBN 978 94 6306 491 0.

Nadat in het jaar 2016 deel 1 van het André Hazes-drieluik werd uitgebracht ‘Hazes 1951-1976, bloed’ ligt nu het tweede deel in de schappen. En u raadt het al, na ‘Bloed’ en ‘Zweet’ zal ‘Tranen’, waarschijnlijk in het jaar 2020, de afsluiter worden.

In het eerste deel lazen we over de beginjaren van André, de kwajongen uit De Pijp die in een ontwricht gezin opgroeide, graag mocht zingen, even graag een biertje mocht nuttigen, en uiteindelijk barkeeper werd. Een zingende barkeeper weliswaar, die tegen het einde van deel 1, met dank aan Willy Alberti, zijn eerste plaatje mocht maken ‘Eenzame kerst’.

In ‘Zweet’ komen we André tegen als opkomend talent, mislukt huisvader, drinkebroertje, en als levenspartner van respectievelijk Annie en Ellen. Wanneer de dertienjarige slagersdochter Rachel van Galen ingezet wordt als oppas bij de familie Hazes ontstaat er een verboden liefde… Andrés liederlijk leven breekt uiteindelijk Ellen maar ook André zelf op met als dieptepunten de brand die hij opzettelijk teweegbrengt in zijn eigen huis en een zelfmoordpoging. De makers van ‘Zweet’ laten ook de gevoelige kant van de volkszanger aan bod komen wanneer hij te maken krijgt met de dood van zijn producer Tim Griek.

‘Zweet’ is een postume hulde aan de zanger, die dankzij sex, drugs, and rock and roll gaandeweg het pad van de vernieling opgaat, de weg van ‘bloed, zweet en tranen’ om in termen van de geliefde Amsterdammer te spreken. Het op de “atoomstijl” geïnspireerde tekenwerk van Ben Westervoorde en de heldere scenario’s van Jan-Willem de Vries maken het lezen hiervan tot een genot!

Didier Quella-Guyot & Olivier Dauger: ‘Hélène Boucher, de vallende ster’. Silvester. ISBN 978 94 6306 495 8.

Het verhaal begint op indringende wijze wanneer Helene in haar Caudron Rafale op 30 november 1934 nog een laatste proefvlucht maakt. Ze krijgt averij bij het opstijgen en stort neer in het bosgebied nabij Guyancourt. Heel Frankrijk is in diepe rouw wanneer de dood van de pas 26-jarige pilote bekend gemaakt wordt. Omdat ze haar leven wijdde aan de luchtvaart zou ze postuum het Ridderkruis van het Légion d’Honneur ontvangen en als eerste vrouw in het Hôtel des Invalides in Parijs worden opgebaard.

Na deze inleiding begint het verhaal van haar leven. Als dochter van de Parijse architect Léon Boucher behaalt ze in juni 1932 haar pilotenbrevet. Kort daarop volgt het transportbrevet. Een maand nadat ze haar brevet heeft ontvangen stort ze neer als ze deel neemt aan een luchtwedstrijd. Ongeschonden weet ze het wrak te verlaten.

In de paar jaar die haar zouden resten, zou ze diverse wereldrecords vestigen met vliegtuigen van Caudron: het hoogterecord voor vrouwelijke piloten in augustus 1933 en een snelheidsrecord alle categorieën met meer dan 409 kilometer per uur nabij Istres in augustus 1934.

Kort tevoren had ze bekend gemaakt dat ze zich had aangesloten bij de beweging ‘La Femme Nouvelle’, om zich te gaan inzetten voor het stemrecht voor vrouwen. Als vliegenierster en als promotievrouw voor het sportautomodel van Renault, de Renault Viva Grand Sport, was ze vlak voor haar vroegtijdige dood hét rolmodel voor de Françaises.

Zoals de uitleiding van het hard cover stripalbum vermeldt in de bewoordingen van piloot-schrijver Antoine de Saint-Exupéry: ,,Ze was eenvoudig, een loyale kameraad, charmant. En ze was ook piloot. Een beroep dat ze uitoefende zoals een man dat doet, met respect voor vakmanschap en de nederigheid van de ware bouwer tegenover zijn eigen bouwwerk. Haar vliegtuig diende niet om haar te laten schitteren, maar zij stond ten dienste van het vliegtuig.”

‘Hélène Boucher, de vallende ster’ is getekend in een heldere lijnvoering en subtiel pastel ingekleurd. Een boek dat iedere luchtvaartliefhebber zal aanspreken!

Christophe Bec & Patrick Dumas: ‘Aeropostale. Legendarische piloten, Vachet’. Silvester. ISBN 978 94 6306 466 8.

De serie ‘Aeropostale’ neemt de lezer mee naar de piloten van de Franse luchtpost in de aanvang van de luchtvaartperiode. In dit derde op zichzelf staande deel ,eerder verschenen al ‘Guillaumet’ en ‘Mermoz’, draait alles om Paul Vachet (1897-1974).

Het boek over zijn leven begint op een aparte plek: op het kerkhof ‘Terre-Cabade’ te Toulouse waar een bezoeker al mijmerend Vachets leven overdenkt. Een bezoeker, die niemand minder blijkt te zijn dan de legendarische Generaal Charles de Gaulle…

In de Eerste Wereldoorlog is Vachet aanvankelijk chauffeur van het grondpersoneel tot zijn droom verwezenlijkt wordt: uitgekozen worden tot vliegenier in opleiding. Op zijn zestiende haalt hij zijn vliegbrevet en vervolgens het militaire vliegbrevet. Als piloot van een bommenwerper maakt hij deels de jaren van de Eerste Wereldoorlog mee, jaren die hem het prestigieuze oorlogskruis opleveren. Dankzij zijn afnemende gezondheid verlaat hij de militaire dienst om voor de Aeropostale aan het werk te gaan. Nieuwe luchtvaarttrajecten worden door hem opgezet tot Zuid-Amerika aan toe; de post wordt immers vervoerd over land, zee en…oceaan. In de Tweede Wereldoorlog komt hij oog in oog te staan met De Gaulle, die hem in 1968 tot grootofficier benoemt. Vachet is dan al elf jaar met pensioen.

Een mooie strip, die Vachets leven verbeeldt tot aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Waarom de scenarioschrijver er voor gekozen heeft De Gaulle in of na 1974 op het kerkhof aanwezig te laten zijn, terwijl de generaal al in 1970 overleden was, is voor mij onduidelijk. Het betreft hier echter geen ‘fout’ van de makers, want ze zijn zich bewust van het jaarverschil.

Een mooie hardcover uitgave met realistische warm ingekleurde platen, waarbij de kadering veelal doorbroken wordt en grote tekstblokken het verhaal uiteen zetten.

Koos Schulte