Kwart eeuw vervoeren

JOURE

Stichting Vervoersdienst Skarsterlân bestaat op 17 november 25 jaar. Vrijwilligers en bestuur vieren dit heugelijk feit komende zaterdag in bij het Woudagemaal en de Beachclub in Lemmer.

De vervoersdienst is een kwart eeuw geleden ontstaan vanuit de samenwerkende vrijwilligersorganisaties Skarsterlân en het Rode Kruis, Humanitas, de kerken en de ouderenadviseur. In De Haven aan de Prof. Titus Brandsmaweg in Joure kwam een meldpunt, bemenst door mensen uit verschillende organisaties. Die konden daar terecht met verschillende (hulp)vragen; niet alleen vervoer, maar ook voor klusjes. Al snel nam de Wurkjouwer heeft het klusjesgedeelte over. De vervoersdienst zag het licht met een telefoonbeschikbaarheid van negen tot half 11. Nog steeds kunnen mensen zich in die tijd melden voor een rit.

De vervoersdienst heeft ruim veertig vrijwilligers die de taak van telefonist, chauffeur of bestuurslid op zich nemen. De telefonisten zitten iedere dag bij Miks Welzijn. Lang wachten op een telefoontje hoeven ze nooit: vorig jaar kwamen bij de vervoersdienst maar liefst 2169 ritaanvragen binnen. De meeste ritten zijn zorg gerelateerd; de adressen van dokter, ziekenhuis, fysiotherapeut zijn bekend.

Voor de ritjes betalen de ouderen twee dubbeltjes per gereden kilometer met een maximum van 25 kilometer. Binnen Joure betalen mensen een vast tarief van drie euro voor de heen- en terugreis. ,,We rekenen alleen de tijd dat de mensen in de auto zitten’’, zegt Jan Sinnema, chauffeur. ,,Je hebt een privéchauffeur. Dat is voor oude mensen heel plezierig. Het is een sociaal gebeuren en van deur tot deur. Dat spreek de mensen enorm aan.’’ Rijk wordt Sinnema er niet van. Al denken sommige mensen van wel, zegt hij lachend.

Stegenga: ,,De gemeente ziet de vervoersdienst als een algemene voorliggende voorziening van de WMO. Zij willen hiermee aanmoedigen dat mensen wat voor elkaar wat betekenen. De gemeente geeft ons daarom subsidie voor een bijdrage in de autokosten. De ritten worden voor de chauffeurs uit die pot aangevuld.’’

Aukje Wispelweij is telefoniste. Zij is het eerste aanspreekpunt en koppelt de rit aan de chauffeur. ,,Vaak is de vraag: ik moet morgen naar het ziekenhuis, kan er een chauffeur mee?’’, zegt ze. ,,Als het niet lang duurt, dan blijft de chauffeur wachten. Anders wacht de chauffeur op een telefoontje totdat de klant klaar is. De dienst wordt ook ingezet voor ritjes voor verjaardagsvisite.’’ Het aantal telefoontjes is wisselend. Wispelweij schat dat het gemiddeld een vijftien telefoontjes zijn iedere ochtend. ,,En nu het kouder wordt, maken ze sneller gebruik van ons. Met mooi weer, pakken ze sneller de rollator.’’

Er zijn chauffeurs die iedere dag rijden of dagdelen. In hun eigen auto maken ze flink wat kilometers: in 2017 waren dat 935.835, oftewel: 23 keer de aarde rond. In de beslotenheid van de auto worden veel persoonlijke gesprekken gevoerd. Bij een slecht nieuws gesprek uit het ziekenhuis, is de chauffeur vaak het eerste aanspreekpunt. Stegenga: ,,Je moet goed met mensen om kunnen gaan om het werk uit te voeren. Veel geduld hebben en een luisterend oor bieden. Dat is soms nog wel belangrijker dan het vervoer zelf.’’

Brenda van Olphen