‘Het is spijtig wat er met hun kat is gebeurd’

JOURE

Op de ingezonden brief ‘wel gechipt, niet gecheckt’ kwamen verschillende reacties binnen. Kat Lizzy bleek niet de enige te zijn die zonder controle bij de kadavers achter was gelaten.

Ook Skippy, de kat van Pieter Posthuma de Boer en Akke Laffra, werd drie jaar geleden op dezelfde manier aangetroffen. ‘Dagen zoeken en zoeken en zoeken. En dan denken dat haar iets is overkomen, maar ze is gechipt, dus zouden we het wel krijgen te horen als ze gevonden is, maar nee hoor. Door een tip van een vriend ook maar eens bellen met het milieuterrein. Daar werd ook Skippy gevonden in een container en we moesten haar er ook zelf uithalen. Dus ja, al 3 jaar is er bij de gemeente geen verandering in hun omgang met dit soort dierenleed. Wij houden van onze huisdieren en laten ze daarom chippen, kleine moeite om een overleden dier te (laten) scannen en de baasjes op de hoogte te stellen lijkt ons.’

Gemeente De Fryske Marren trekt het boetekleed aan in de onderstaande reactie:

Reactie gemeente De Fryske Marren:

We vinden het voor de eigenaren spijtig wat er met hun kat is gebeurd. We kunnen ons natuurlijk voorstellen dat het een emotioneel en heftig moment moet zijn geweest om je huisdier op deze wijze terug te vinden. En dan vooral op de manier hoe ze erachter zijn gekomen. Binnen de gemeente werken we volgens een vast protocol wanneer we een aangereden kat vinden: namelijk dat we het dier naar het milieuterrein brengen en daar de chip uitlezen. Normaal gesproken lezen we dan ook altijd de chip uit van katten en melden we dit vervolgens aan de beheerder. De beheerder geeft dit vervolgens door aan Amivedi (een stichting die zich inzet voor vermiste en gevonden dieren). Op die manier worden eigenaren altijd op de hoogte gebracht. Helaas is deze procedure niet helemaal goed gegaan bij de kat Lizzy en is dit anders gelopen dan normaal. Wij betreuren het dat de eigenaren daardoor niet eerder op de hoogte waren van het feit dat Lizzy bij ons op het milieuterrein was.

Er is door onze collega’s (onder andere de buitendienst) meerdere keren contact geweest met de eigenaren en daarbij is oprechte excuses aangeboden over de manier waarop het is gegaan. Daarnaast hebben wij intern opnieuw de procedure onder de aandacht gebracht bij onze collega’s om te voorkomen dat dit zich in te toekomst nogmaals herhaalt. Helaas kunnen we het verdriet en verlies van de kat hier niet mee wegnemen, maar wij hopen het signaal aan de eigenaren te hebben afgegeven dat we het voorval zeker serieus nemen en we de genoemde procedure in de toekomst zullen naleven.