Recensie | ‘Henriëtte van Eyk. Vrouw tussen vier mannen’ een boeiende biografie van Aukje Holtrop

JOURE

In 2005 verbeeldde journaliste en kinderboekenschrijfster Aukje Holtrop het leven van Nynke van Hichtum in haar bibliografie ‘Nynke van Hichtum. Leven en wereld van Sjoukje Troelstra-Bokma 1860-1939’. 

Nu is van Aukje Holtrop haar tweede bibliografie uitgekomen: ‘Henriëtte van Eyk. Vrouw tussen vier mannen’. Een boek over een welhaast vergeten auteur, die het evenals de hoofdpersoon uit ‘Nynke van Hichtum’ lastig had met relaties. Een boek over een schrijfster, die in 1932 zou debuteren met ‘De kleine parade’ dat veel succes kende. Zo veel, dat geen enkele van haar vervolgboeken dit zou overtreffen…

Aukje Holtrop: ‘Henriëtte van Eyk. Vrouw tussen vier mannen’. De Bezige Bij. ISBN 978 94 031 0530 7.

Op 7 juli 1911 werd het faillissement uitgesproken van de door de gereformeerde broers Dirk en Chris van Eyk geleide bank. Samen met zijn broer week vader Dirk uit naar de Verenigde Staten, zijn vrouw Anna en twee kinderen in Holland achterlatend. In 1914 werd de scheiding van Henriëttes ouders uitgesproken. Henriëtte,  door Holtrop steeds Jet genoemd, zou haar vader nooit terugzien hoewel zij als kind dol op hem was.

Een tijd van bittere armoede brak aan, jaren waarin Jet een kasboekje bij zou houden. En meer dan ooit raakte zij verknocht aan haar bijna drie jaar jongere broer Bert. De broer, die de aanzet gaf van Jets schrijverscarrière. De broer, die hoogleraar in Indonesië zou worden, er een bewogen liefdesleven op na zou gaan houden, in de oorlog in het verzet geraakte, en het als praktiserend travestiet bepaald niet gemakkelijk had. 

Vanwege een noodlottige val van een trap scheurde Jet haar heupspieren. Anderhalf jaar plat liggen én het opgeven van haar studie waren het gevolg.

Door het schrijven van verhalen belandde ze in de kunstenaarswereld.  ‘De kleine parade’, een boek vol korte verhalen waarin Freule Thérèse Wentinck, de ik-figuur, de lezers wist te amuseren werd in 1932 haar debuut. Volgens schrijver en criticus Victor van Vriesland was het “een boek dat een inslag van sociale satire in zich had, verstoken in luchtige karakterschets en elegant badineren…” Het soort literaire humor dat Jet bezigde, zou in later jaren terug te vinden zijn in het werk van onder anderen Annie M.G.Schmidt, Godfried Bomans en Simon Carmiggelt.

Begin jaren dertig kreeg Jet een verhouding met  Jean Lenglet met wie ze in 1936 trouwde, een avonturier en journalist, en in de Tweede Wereldoorlog een verzetsheld. Holtrop stelt dat ze in schrijfstijl, in fantasie en in onderwerpskeuze totaal verschilden. “Het is de vraag of ze elkaars werk eigenlijk wel mooi vonden…” Door verraad zou de in het verzet belandde de echtgenoot van Jet, die zich als schrijver  Ed de Nève noemde, jarenlang in Duitse gevangenschap doorbrengen. 

Tezelfdertijd, vanaf de zomer van 1942 tot het eind van de oorlog, zou Jet veel riskant verzetswerk verrichten dat tijdens haar crematie nog gememoreerd zou worden.

Nadat haar man als door een wonder de kampen overleefd had keerde hij terug bij Jet. Op 3 januari 1946 scheidde het stel omdat haar man een zenuwpatiënt geworden was, die haar treiterde, vernederde, mishandelde…

Ongeveer tezelfdertijd leerde ze schrijver Simon Vestdijk kennen met wie ze tot halverwege de jaren zestig een knipperlichtrelatie aanging. De grote Vestdijk, die zijn correctrice-huishoudster én mederivale Ans achter zich wist. Een vrouw, die er alles aan deed om tussen de “gelieven” Henriëtte en Simon een wig te drijven… Dat Aukje Holtrop veel aandacht besteedt aan juist deze relatie mag niet verwonderlijk heten. In die jaren gold Simon Vestdijk immers als de onbetwiste grootmeester van de Nederlandstalige literatuur!

Van Eyks probleem, zo stelt de schrijfster, was dat ze “met stukjes, radiowerk en reclameklusjes” de kost verdiende. Als “auteur” had ze minstens een roman moeten publiceren!

Al op leeftijd zou ze nog één keer bij “het grote publiek” doorbreken. In 1969 maakte Wim Sonneveld naar aanleiding van haar meest bekende boek ‘De kleine parade’ een musical.  Daarvoor zou Jet drieëntwintig scènes van dialogen voorzien.

De laatste jaren van haar leven zou de schrijfster  rustig, teruggetrokken, doorbrengen. Een ruime kring vrienden van alle leeftijden bezocht haar regelmatig. Vanwege haar steeds opspelende grilligheid verliet huishoudster Ansje haar nadat ze zeventien jaar bij Jet gewoond had. Uiteindelijk belandde ze in een revalidatiekliniek aan de Overtoom. Ze wilde echter thuis wonen en op 21 november 1980 overleed ze op 83-jarige leeftijd op de Reijnier Vinkeleskade waar ze 38 jaar gewoond had.

Met ‘Henriëtte van Eyk. Vrouw tussen vier mannen’ heeft Aukje Holtrop een prima aanvulling gegeven op hetgeen er van vele auteurs in de jaren dertig-tachtig al bekend was.  Een boek waarop de nu welhaast vergeten Van Eyk recht had! 

Waarom Aukje Holtrop, die bepaald niet over één nacht ijs is gegaan, geen noten, literatuurlijst en bronvermelding aan het boek heeft toegevoegd, de levensader van een biograaf, is voor mij een raadsel. Ook zouden de omslagen van de door haar geschreven boeken een welkome aanvulling geweest zijn op de biografie, die overigens las als een trein!

Koos Schulte 


Auteur

Redactie