Eten wat Syrische pot schaft

Joure

Hoe maak je als Syrische vluchteling contact met Nederlanders? Maha Al Natour (40) lijkt het antwoord te hebben gevonden. Samen met Erica Krikke uit Joure liet zij vrijdag tien mensen kennis maken met de Syrische keuken: Eten wat de Syrische pot schaft.

Op het menu stonden linzensoep met Arabische broodjes vooraf. Het hoofdgerecht was een salade met veel groenten en gepaneerde kipfilet. Als nagerecht serveerden ze pannenkoeken gevuld met walnoten, afgebakken in de frituur. Dit alles zonder alcohol en met halal vlees.

‘Dit is voor ons integreren’, zegt gastvrouw Erica. Zij heeft voor deze avond haar huis ter beschikking gesteld. De drie tafels zijn in sfeer gedekt. Op de televisie in de huiskamer bezingt de Arabische Marco Borsato de liefde. ‘Hij wil graag een kusje van haar’, gist één van de gasten naar de betekenis van het nummer. ‘Hij wil wel wat meer’, zegt Maha. ‘Mannen zijn ook overal hetzelfde’, verzucht de gast.

Maha komt uit Harasta, een stad ten noordoosten van Damascus. Haar man is een staatloze Palestijn uit Syrië. Samen hebben zij twee kinderen, de eerste Syrische kinderen die in Joure naar school gingen. Ze wonen nu drie jaar in de Vlecke. Maha houdt van eten koken en van praten met mensen. Maar verder dan een groet komt ze vaak niet. Soms lopen mensen haar straal voorbij in de Midstraat zonder een woord terug te zeggen. ‘Het is moeilijk om contact te maken met de mensen’, zegt ze. Het doet haar verdriet. ‘Ik weet niet waarom het mij niet lukt.’

Erica en Maha kennen elkaar van het schoolplein. De kinderen zitten bij elkaar in de klas. Ze bleek veel raakvlakken te hebben Maha. Beiden hebben toerisme gestudeerd, zijn geïnteresseerd in lekker eten en in andere culturen. Erica besloot om twee van haar kookavonden te wijden aan de gerechten van Maha. ‘Ik dacht dat ze een grapje maakte’, zegt Maha. Erica bleek serieus en organiseerde twee avonden.

Vrijdag was de eerste keer dat ze voor een ander gezelschap kookt dan haar familie. De keuken van Erica is twee keer zo klein als de keuken die ze in Syrië had. Al snel komt de linzensoep op tafel. Volgens de disgenoten lijkt deze op snert. Het gefrituurde brood valt ook in de smaak. De gasten vragen Maha naar de bakwijze. In het Nederlands, met tussendoor een Engels woordje, legt ze uit hoe het is gemaakt.

Als het eten op is, wordt het hoofdgerecht opgediend. De kip heeft zes uur in azijn en citroensap gelegen, is gepaneerd en gebakken. De salade is gezouten, maar er zit op aanraden van Erica minder zout in dan voor Maha gebruikelijk is. ‘Gecensureerd Syrisch eten’, lacht één van de gasten. ‘Een Hollandse versie’, oordeelt zijn tafelgenoot. De sfeer is ontspannen. Tijdens het hoofdgerecht wordt Maha het hemd van het lijf gevraagd over haar geboorteland en over de toestand nu. Maha is van Syrië via Libanon naar Nederland gevlucht. De heimwee was erg groot het eerste half jaar. Daarna konden ze hun draai vinden.

Maha duikt de keuken weer in voor het toetje. De pannenkoekjes staan in rijtjes klaar om in de olie te gaan. Bruin gebakken komen ze uit de wok. Ook dit machtige gerecht smaakt de gasten prima.

Het regent na afloop complimenten voor de Syrische. Eén van de mannen is zo enthousiast over de maaltijd, dat hij haar drie kussen probeert te geven. Helemaal verbaasd neemt ze de eerste in ontvangst en duikt dan giechelend weg. Een hartelijke handdruk en een grote glimlach worden daarna dankbaar in ontvangst genomen. ‘Het was een geweldige avond’, zegt ze een paar minuten later. ‘Ze vonden het lekker. Het is mooi om contact te maken met mensen, te praten met de mensen. Ik blijf proberen om contact te maken. Want het leven gaat door.’

Brenda van Olphen


Auteur

admin