Recensie | Oude helden nog steeds actief

Joure

Naast vele splinternieuwe strips blijven ook de oude bekenden nog steeds een groot publiek aanspreken.

Soms betreft het strips, die hertaald, of opnieuw ingekleurd zijn, dan weer nieuwe verhalen van striphelden die we al jarenlang kennen, verbeeld door andere tekenaars die zodoende nieuwe lezers weten te trekken. In deze recensie daarom aandacht voor ‘Roodbaard’, ‘Robbedoes’, ‘Tom Poes’ en ‘Prins Valiant’. Jijé, Lorg, Gaty & Charlier: ‘Roodbaard. De schrik van de Zeven Zeeën, deel 9’. Uitgeverij Sherpa. ISBN 978 90 8988 125 0. In alweer de negende integrale bundel Roodbaard-stripverhalen komen we ditmaal de volgende verhalen tegen: 22 ‘De vermisten van ‘De Zwarte Valk’, 23 ‘Het verdoemde goud van Huacapac’ en 24 ‘De stad van de dood’ uit respectievelijk 1982, 1984 en 1987.Hoewel de Roodbaard-strips destijds te maken hadden met diverse veranderingen zoals een andere uitgever, een nieuwe tekenaar, (Jijé overleed in 1980) en met ingang van bundel 10 zelfs met een nieuwe scenarist omdat Jean-Michel Charlier zou komen te overlijden, staan de verhalen ook nu nog als een huis. Scenarist Charlier zocht een opvolger in de persoon van Christian Gaty, die toen al een levenlang strips had getekend. Voorwaar een tekenaar van de oude stempel, die een heel scala aan stijlen beheerste. Aan het tekenwerk van Gaty is te zien dat hij met veel plezier werkte aan de piratenstrip, waarbij hij de strip zijn eigen invulling gaf door personages anders te tekenen dan zijn illustere voorgangers Hubinon en Jijé dat deden. Zo kent Roodbaards pleegzoon Erik een heuse gedaanteverwisseling! In de hier gebundelde verhalen doet de tekenstijl van ‘De stad van de dood’ zelfs denken aan die van Bluebery-tekenaar Giraud qua perspectief en figuurweergave! De verhalen kennen veel spanning met roofzuchtige piraten, fabelachtige schatten, Macumba-indianen en een stad in de jungle, die volgens overlevering geplaveid zou zijn met goud… Zoals ondertussen bekend mag worden verondersteld is elk deel uit de Sherpa-Roodbaard-serie er één dat er mag zijn. Ieder inleidend dossier (hier dertig pagina’s!)kent veel foto- en illustratiemateriaal waaronder omslagen en originele scenario-aanwijzingen, terwijl schutbladillustraties van de oorspronkelijke hard cover delen van de Franstalige uitgaven zijn ingepast. Vanaf deel10 zal Sherpa de verhalen 25 tot en met 34 gaan bundelen uit de jaren 1991-2004, een periode die maar weinig lezers compleet in hun boekenkast hebben staan! Hanco Kolk: ‘Tulpen uit Istanboel’. Dupuis. ISBN 978 90 314 3541 8. In 1938 bedacht Robert Velter het strippersonage Robbedoes, dat hoofdpersoon moest worden voor het stripblad met dezelfde naam: ‘Robbedoes’, in Frankrijk: ‘Spirou’. Omdat hij aanvankelijk het beroep van piccolo uitoefende, kreeg hij een rood uniform aan met goudkleurige knopen. In1943 voegde Jijé, de tekenaar die de strip zou voortzetten, daar zijn vriend Kwabbernoot aan toe. De latere tekenaar van ‘Robbedoes’, Franquin, zou Kwabbernoot trouwens ook regelmatig opvoeren in zijn strip ‘Guust Flater’. Overigens is ook het personage de Graaf van Rommelgem van zijn hand. Sedert 2006 heeft Dupuis de nevenserie ‘Robbedoes door…’ opgezet waarin diverse tekenaars een avontuur tekenen in de stijl, die past bij het personage Robbedoes. Waren het tot nu toe buitenlandse tekenaars zoals Chivard, Tarrin, Bravo, Schwartz, en Parme, die de strip maakten, met Hanco Kolk werd de eerste Nederlandse tekenaar aangetrokken. De Stripschapprijswinnaar 1996 (‘Gilles de Geus’, ‘Meccano’, ‘Single’, etc.)tekende in zijn eigen heldere stijl het verhaal ‘Tulpen uit Istanboel’, een album dat deels in Nederland speelt. Het verhaal speelt zich af ten tijde van de eerste Floriade, de bloemententoonstelling in 1960. De graaf van Rommelgem vraagt of Robbedoes en Kwabbernoot naar Rotterdam komen. Het is de tijd van de Koude Oorlog en de graaf heeft vernomen dat professor Petrow wil overlopen van Rusland naar het Westen. De geleerde zou vertoeven in hotel Topaz in Istanboel. Maar hoe zou de professor ongezien naar Rotterdam kunnen uitwijken als diverse spionagediensten van MI 5 tot KGB op hem loeren… Besloten wordt de reis per postkoets te laten plaatsvinden onder het mom dat de historische tocht van vier eeuwen geleden zou worden herhaald. De reis waarin de eerste tulpenbol naar de Lage landen zou worden vervoerd. Kolk verwerkt in het verhaal verscheidene zaken, die ooit in de avonturen van Robbedoes de revue hebben gepasseerd zoals spionnen, een duikboot, en latexmaskers. De inkleuring in pastel van Marloes Dekkers past uitstekend bij het jaar waarin dit avontuur zich afspeelt: 1960. De vele gedaanteverwisselingen van de diverse spionnen zorgen voor een slapstick-effect dat hier en daar licht storend werkt. Met mevrouw Petrow en meneer Ljow daarentegen (, Ljow, een personage dat wel heel veel lijkt op ‘Dick Bosch’ van Gezellig en Leuk!, )maakt Hanco Kolk zeer goede sier! Wanneer Robbedoes om de mensen af te leiden het lied ‘Hoeba hoeba hop’ inzet, hebben we even te maken met een tijdfout: ‘Wij zijn twee vrienden’, zoals het door Johnny Hoes geschreven werkje heet, ontstond pas in1978… Hoe dan ook, ‘Tulpen uit Istanboel’ is een heerlijk vlot lezend verhaal dat zich kan meten met de beste verhalen uit de reeks ‘Robbedoes door…’ Marten Toonder: ‘Tom Poes en het toverboekje’. Uitgeverij Cliché. ISBN 978 90 826938 5 0 (soft cover) en ISBN 978 90 826938 6 7 (hard cover). In de reeks ‘Tom Poes-verhalen’ verscheen deel 4, ‘Tom Poes en het toverboekje’, een verhaal dat oorspronkelijk in 1958 in ‘Donald Duck’ verscheen. Het is weer zo’n heerlijk kinderverhaal met tekstballonnen dat dit keer voor het eerst in boekvorm verschijnt, de superluxe editie waarin het herdrukt werd uit 2002 (uitgeverij Panda) niet meegerekend. In de veronderstelling dat hij een goochelboek heeft gekocht, rept Heer Bommel zich vanuit een Rommeldams steegje naar zijn have: slot Bommelstein om daar enige trucjes op te doen. Tom Poes is er getuige van hoe zijn grote vriend diens bediende Joost weg goochelt. Hij heeft al snel door dat het dan ook geen goochel- maar een toverboek is dat Heer Bommel heeft gekocht. ’s Avonds in de stadsschouwburg besluit de goochelaar, alias Heer Bommel, de Markies te laten verdwijnen, maar deze blijft staan waar hij staat. Tot hun schrik zien Heer Bommel, Tom Poes en de Markies dat het voltallige publiek verdwenen is. Markies de Canteclaer slaat alarm en er rest Heer Bommel en Tom Poes maar één ding: zich zo snel mogelijk uit de voeten te maken… Een fijn verhaal voor jong en oud zonder dubbele bodem zoals dat vaak in de tekststripverhalen van Heer Bommel het geval is. Het frisse omslag en dito inkleuring van het binnenwerk van tekenaar Tim Artz en inkleurster Dorien Pool maken het lezen tot een extra genoegen! Hal Foster: ‘Prins Valiant. Deel 28. Jaargang 1964’ (hc). Uitgeverij Silvester. ISBN 978 94 6306 284 8. Zelfs nadat tekenaar Hal Foster (1892-1982) in 1964 al een kleine dertig jaar ‘Prins Valiant’ getekend en geschreven had, was zijn werk nog steeds van de hoogst mogelijke kwaliteit. De precisie waarmee de van oorsprong Canadese tekenaar werkte, zou er voor zorgen dat tot de dag van vandaag illustratoren Fosters werk ter hand nemen om diens anatomie en paginaopzet te bestuderen. Hal Foster had het immers in zich de mens feilloos te verbeelden in sprookjesachtig opgezette platen, waarbij de inkleuring in pastel - voor de Amerikaanse zondagskranten - voor de afronding zorgde. In het jaar 1964 verschenen de strippagina’s 1404 tot en met 1455 van het Prins Valiant-epos. Wanneer Prins Valiant op Camelot verblijft, de residentie van koning Arthur, zal er een toernooi worden gehouden. Onder de aanwezigen bevindt zich Graaf Brecey van Bretagne, die zo onder de indruk is van Valiants vrouw Aleta dat hij haar koste wat kost wil bezitten. Met zijn vazal Hugo beraamt hij een duivels plan om Prins Valiant tijdens het steekspel te vermoorden, waarna hij denkt haar nieuwe echtgenoot te kunnen worden, maar het verloop is even anders… Gaandeweg ontstaat er strijd tussen Arthur en de zijnen en de vijandige Saksen. Lichtvoetige liefdesperikelen tussen Heer Charles en Ailianora wisselen het verhaal af, waarna een nieuwe strijd ontbrandt ditmaal met Skoguls invasieleger… De complete ‘Prins Valiant’ van Hal Foster is een unicum dat in geen boekenkast van stripliefhebbers mag ontbreken. De nieuwe vertaling, heldere lijnvoering met pastelinkleuring, alles gedrukt op licht getint papier, is immers onovertrefbaar! Koos Schulte

Auteur

Brenda van Olphen