Recensie | Monsters in werk van Toonder in jaren' 50 en '60

SNEEK

Monsters en monsterlijkheden waren in de jaren vijftig en zestig aan de orde van de dag. In verhalen en boeken komen ze dan ook veelvuldig voor. Wie er dankbaar gebruik van maakte was Marten Toonder.

In zowel de ballonstrips van Tom Poes als in de dagstrips van Heer Bommel en Tom Poes voor oudere lezers duiken ze op omwille van de spanning, de sensatie dan wel om de lezers angst in te boezemen. Voorbeelden hiervan te over in de ballonstrip ‘Tom Poes en het monster van de Hopvallei’, verschenen bij Cliché en in de drie nieuwe delen uit de serie ‘Alle verhalen van Heer Bommel en Tom Poes’ welke verschenen bij De Bezige Bij. Marten Toonder: ‘Tom Poes en het monster van de Hopvallei’. Uitgeverij Cliché. ISBN 978 90 824268 7 8 (soft cover), ISBN 978 90 824268 8 5 (hard cover). In een groot, diep meer ‘Loch Ness’ in Schotland zou een reusachtig dier leven dat zou kunnen variëren van 3 tot 15 meter. Om onderzoek te kunnen verrichten naar het al dan niet bestaan van het “voorwereldlijke” monster werd in1962 het Loch Ness Phenomena Investigation Bureau (LNPIB) opgericht. In datzelfde jaar verscheen verhaal 31’Tom Poes en het monster van de Hopvallei’ in afleveringen in het vrolijke weekblad Donald Duck. Hier zou het geen prehistorisch monster betreffen, maar een groot uitgevallen aap, die de bewoners van de Hopvallei de stuipen op het lijf zou jagen. De grote vraag in dit verhaal is dan ook: is er een kwaadwillend monster en zo ja, is er iemand die het tegen hem durft op te nemen? Tijdens een vakantie van Heer Bommel en zijn jonge vriend in de “stille en rustige” Hopvallei , blijkt het daar minder rustig te zijn dan verwacht. Een monster houdt iedereen in zijn greep, behalve Heer Bommel. Als een ware Don Quichotte trekt hij ten strijde tegen vermeend onrecht. Uiteindelijk komt alles voor de Hoplieden weer goed als Heer Bommel de nieuwe lijfarts van de Opperhopper mag aankondigen… Het omslag van illustrator Tim Artz en de inkleuring van Petra Jongeneel zijn weer een lust voor het oog! Marten Toonder: deel 10 ‘Ingrijpende gebeurtenissen’. De Bezige Bij. ISBN 978 90 234 5403 8. In ‘Tom Poes en Solfertje’ ziet Toonder het klonen en genetische manipulaties als een kwaad, hoe aardig ‘Solfertje’ aanvankelijk ook lijkt. In een ander verhaal uit 1949, ‘Horror de ademloze’ neemt Marten Toonder de tegenstanders van het beeldverhaal op de hak wanneer een gemaskerde overvaller te pas en te onpas opduikt. Maar wie steekt er nu precies achter de gemaskerde…? Marten Toonder: deel 21 ‘Dit schreeuwt om wraak’. De Bezige Bij. ISBN 978 90 234 5623 0. In ‘Tom Poes en de wraakgier’ uit 1956 vraagt journalist Argus zich af waar de jongens van Jan de Wit zijn, een vraag die ook in onze tijd nog gesteld wordt… Het verhaal is een parodie op de oude opvatting ‘oog om oog, tand om tand’. In ‘Heer Bommel en het mengeldier’ uit hetzelfde jaar leert Heer Bommel van zijn bediende Joost dat het verstandiger is naar de toekomst te kijken dan naar het verleden. Marten Toonder: deel 16 ‘Bevend van woede’. De Bezige Bij. ISBN 978 90 234 5692 6. In ‘Tom Poes en de wens-werkster’ vertrekt bediende Joost nadat hij een schaal op het hoofd van zijn beproefde meester heeft stukgeslagen. Wijmpje neemt Joost zijn plaats over, maar de chaos op Bommelstein neemt alleen maar toe. Uiteindelijk vertrekt ook zij. Wie moet haar plaats nu gaan innemen…? In ‘Tom Poes en het kunsthars-hart’ eveneens uit 1953 blijkt Toonder weinig op te hebben met de opkomende kunststoffen, zoals plastic. Overigens zou de hartvervanging met behulp van kunststof veertien jaar later werkelijkheid worden wanneer professor Christiaan Barnard in Zuid-Afrika de eerste menselijke harttransplantatie verricht. De geslepen professor Sickbock speelt in dit verhaal een cruciale rol. De drie deeltjes uit de serie ‘Alle verhalen van Olivier B.Bommel en Tom Poes’ verschenen in een blauwe linnen rug uitvoering met een fraai omslag van Wil Raymakers. Koos Schulte

Auteur

Brenda van Olphen